Kreupelheidsonderzoek / orthopedie


Wij hebben ons toegelegd op de orthopedie bij het paard. Wij voeren dagelijks kreupelheidsonderzoeken uit. Dit kan (meestal) zowel op locatie als bij ons op de kliniek.

U kunt ons direct inschakelen wanneer uw paard kreupel is. Ook voeren wij 'vervolg' onderzoek uit nadat uw eigen dierenarts reeds ter plaatse is geweest.  Hierbij kan het gaan om een uitgebreider klinisch onderzoek met eventueel diagnostische anesthesieën (uitverdoven) en/of beeldvorming zoals echografie of röntgen. Dit gebeurt dan altijd in goed overleg met de verwijzende collega. Indien mogelijk kan na een diagnose de opvolging en eventuele (na)behandeling van de blessure ook door deze collega uitgevoerd worden.

Omdat een paard ons niet kan vertellen waar het pijn heeft, wordt er tijdens het kreupelheidsonderzoek op een gestandaardiseerde manier toegewerkt naar een diagnose. Aan de hand van deze diagnose wordt een geschikte therapie ingesteld. Deze kan bestaan uit een revalidatieplan, (algemene) medicatie, lokale behandeling, ondersteunende therapieën of een combinatie hiervan.

Anamnese
Er wordt altijd begonnen met de anamnese, oftewel de voorgeschiedenis van het paard. Hiermee wordt het moment waarop de kreupelheid ontstaan is, de duur van kreupelheid, of het paard al eerder kreupel is geweest e.d. bedoeld. Daarom is het belangrijk dat degene die het paard begeleidt van deze zaken goed op de hoogte is. Zorgt u er tevens voor dat bezoekverslagen van collega's aanwezig zijn.

Inspectie en palpatie

Hierna volgt de inspectie en palpatie. Er wordt gekeken naar de algemene conditie van het paard of pony, de stand en bouw van het beenwerk, de stand en kwaliteit van de hoeven. Daarna wordt er gevoeld naar eventuele zwellingen, warmteverschil, pijnlijkheden, etcetera. Bij de hoef wordt er eventueel gebruik gemaakt van een hamertje en een visiteertang. Tevens wordt vaak de gevoeligheid en bewegelijkheid van de hals en de rug gecontroleerd.

Locomotie

Hierna volgt het locomotie (bewegings) onderzoek. Het paard wordt op harde ondergrond eerst in een rechte lijn gestapt en gedraafd. Vervolgens kan er een buigproef plaatsvinden.
Ook zal het paard vaak op de harde en zachte volte gelongeerd worden. Bij een acute zeer erge kreupelheid wordt het locomotieonderzoek uiteraard sterk beperkt of achterwege gelaten.

Lokale anesthesie
Wanneer er geen duidelijke oorzaak voor de kreupelheid volgt uit bovenstaand onderzoek, kan het paard verder onderzocht worden met behulp van geleidings- en /of gewrichtsanesthesie(ën). Hierbij wordt er steeds een gedeelte van het paardenbeen verdooft om te zien wanneer de pijnprikkel en daarmee de kreupelheid verminderd en/of verdwijnt. 

Medische beeldvorming

Als de locatie van de kreupelheid bekend is, gaan we verder op zoek naar afwijkingen op deze specifieke locatie om de oorzaak en aan de hand daarvan de oplossing voor het probleem te vinden. We maken hierbij gebruik van beeldvormende technieken.

Röntgenologisch onderzoek
Met behulp van röntgenfoto’s kunnen de botstructuren in beeld worden gebracht. . Mogelijke aandoeningen die we bij kreupelheid kunnen vinden zijn: hoefkatrol problemen (slecht straalbeen), artrose van een gewricht, spat, losse botfragmenten, OCD, hoornzuil, botvliesontsteking, fracturen, fissuren, etc.

Echografisch onderzoek

Met echografisch onderzoek kunnen we de weke delen bekijken. We hebben het dan over pezen, gewrichtsbanden, ligamenten, gewrichten, etc. Meer informatie over echografie kunt U vinden onder het kopje peesblessures op de site.

Nader onderzoek

Een enkele keer komt het voor dat met behulp van röntgen- en echografisch onderzoek geen afwijkingen gevonden worden. Aanvullende beeldvorming is dan mogelijk. We spreken dan over MRI, CT en scintigrafie. Wij kunnen u doorverwijzen naar verschillende locaties waar deze onderzoeken kunnen plaatsvinden.

Therapie

Als de diagnose gesteld is, wordt in overleg met de eigenaar de best passende therapie ingesteld. Wij zullen doorgaans een revalidatieschema opstellen en de noodzakelijke behandeling(en) uitvoeren. Naast (gewrichts) behandelingen kan hierbij gedacht worden aan een infuus, stamceltherapie. PRP, IRAP, mesotherapie en shockwavetherapie.